De Kip Kerrie Kool taart

Leuk klinkt dat, h√®? Kip kerrie kool taart. Alleen al daarom zou ik ‘m maken ūüėČ . Een betere reden is dat de taart zo lekker is. Zowel de kip als de kool combineren geweldig met kerrie. De kaas, spekjes en pijnboompitten doen het fantastisch als topping van deze taart. En de krokante bodem maakt het helemaal af.

Maar je kunt er natuurlijk alle kanten mee op. Maak ‘m met of zonder bodem. Varieer met de vulling of de toppings. Kortom, gebruik je fantasie en je kunt volop vooruit. Kijk voor inspiratie maar eens hier: ‘Een quiche of een hartige taart?’

Wij maken regelmatig quiches. Sinds we koolhyraatarm en vetrijk eten was dat altijd zonder bodem. Ik vind ze zo lekker dat ik de bodem nooit miste. Maar ik vind het wel leuk om te experimenteren. Gisteren deed ik dat met een hartige taart met bodem. Proef geslaagd!

Hartige taart bodem

Het maken van de bodem blijkt helemaal niet moeilijk. Roer de ingredi√ęnten bij elkaar met een vork.

 

Geen mixer of keukenmachine nodig. Je hoeft je handen niet eens vies te maken.

 

 

Het makkelijkst is het om het deeg direct op een bakpapier uit te rollen waarmee je je vorm gaat bekleden.  Met een herbruikbaar bakvel erover. Op dezelfde manier als ik het deeg voor crackers uitrol. Ik draaide het op maat geknipte bakpapier naar boven, zodat ik beter kon zien hoe ik het naar de randen moest uitrollen.

Daarna weer terugdraaien en het bakvel er voorzichtig afhalen. Het bakpapier met deeg leg je daarna zo in de vorm. Het deeg is vrij dun. Wil je een dikkere bodem, experimenteer dan met wat meer deeg.

Het deeg wordt eerst 10 tot 15 minuten voorgebakken in de oven. Daarna kun je dan je vulling erin doen en nog zo’n 20 minuten afbakken.

Kippenvlees en bottenbouillon

Voor de vulling gebruikte ik kippenpoten die ik langzaam liet garen in een bouillon gemaakt van water, zeezout en kruiden. Plus een uitje, knoflook en gember. Het vlees dat eraf komt is zoveel malser dan wanneer je een kippenborst of zo neemt. Bovendien willen we bij een koolhydraatarme en vetrijke leefstijl nèt het vette vlees eten.

Ik gebruikte ongeveer 2/3 deel van het vlees. De rest kun je dan gebruiken voor in een soep, salade of ander gerecht.

 

De botten en het vel gingen terug in de pan om verder te trekken. Nu heb ik dus ook een grote pan met bottenbouillon. Zo gezond [1]. Zo lekker. M’n dochter kwam binnen toen ik de pan net open had om de kip eruit te halen. Het eerste wat ze zei was: ‘Wat ruikt het hier lekker!’

Kip Kerrie Kool taart

Ik heb ‘s ochtends de kip opgezet. Toen ik echt aan het eten begon, was het slechts een kwestie van het vlees van de botten plukken. Omdat het zo gaar is, is dat echt een karweitje van niks.

Het recept voor de bottenbouillon met kippenvlees vind je hier: kippenbouillon met kippenvlees. Eventueel kun je dit op een eerder moment doen. De bouillon kun je ook heel goed invriezen. Als je het kippenvlees ook wilt invriezen, doe dit dan wel in de bouillon, zodat het niet uitdroogt.

Daarna heb ik het taart deeg klaargemaakt tot het de oven in kon. Het recept voor de hartige taart vind je hier: hartige taart deeg.

Voor de vulling roerbakte ik een uitje en knoflook met de witte kool en een rode paprika. Met de kruiden. Daarna ging de kip er bij.

 

 

Verder is het dan een kwestie van bodem voorbakken, de groenten- met kipvulling erin en losgeklopt ei met slagroom en kruiden erover. Toppings naar keuze en klaar.

Het recept vind je hier: Kip kerrie kool taart.

Bronnen

[1] Van kop tot kont Een blog over het ‘kop tot kont’ principe. Het ‘niets-weggooien-principe’ dus. Ik schreef de blog toen ik voor het eerst kippen geslacht had en (vrijwel) alles ervan verwerkte. Je leest er o.a. in dat bottenbouillon zo gezond is. Dat lees je trouwens ook in de blog over de ‘beginner’s blues‘. De periode waarin je nog moet omschakelen van suikerverbranding naar vetverbranding. In die periode kan bottenbouillon enorm helpen om die omschakeling vlotjes te laten verlopen.

 

Rendang Daging – Indisch stoofvlees

Ik ben dol op stoofvlees. Hachee met rode kool bijvoorbeeld. Het was één van de weinige vleesgerechten die ik miste in de jaren dat ik bewust geen vlees at. En het was één van de eerste gerechten die ik maakte toen ik wel weer vlees at. Toch ben ik nooit veel verder gekomen dan een Hollandse stoofschotel.

Tot ik een keer bij Marie-José at. Haar man had een Indische stoofschotel gemaakt: Rendang. We aten het met pittige boontjes en bloemkoolrijst. Dat was overigens ook de eerste keer dat ik bloemkoolrijst at. Die schotel was zó ontzettend lekker. Uiteraard heb ik het recept gevraagd.

Daar ben ik zelf mee aan de slag gegaan, want er zat behoorlijk wat sojasaus in. Vrijwel alle soja is genetisch gemanipuleerd en net als gluten zorgt soja voor laaggradige ontstekingen in je lichaam. Bewerkte soja staat, waarschijnlijk om die reden, ook op de grijze lijst van de voedingslijsten van de Real Meal Revolutie [1]. Tamari, een gefermenteerde sojasaus, staat wel op de groene lijst trouwens. Maar zelf beperk ik ook daar liever het gebruik van.  Het blijft tenslotte soja.

Nu had ik nog een flesje Coconut Aminos staan. Ik had erover gehoord via Sanne uit ons clubje met mensen die allemaal een gezonde koolhydraatarme en vetrijke leefstijl nastreven. We kochten gezamenlijk een paar flesjes in, zodat we wat goedkoper uit waren. Maar inmiddels waren we maanden verder en stond het nog ongeopend in de kast.

Coconut Aminos bevat meer koolhydraten dan tamari, maar is gemaakt van kokos en bevat o.a. kalium, magnesium, diverse B-vitamines en vitamine C. Het bevat 20 g koolhydraten per 100 gram, maar dat zijn de natuurlijke suikers uit de kokosbloesem. Het is op smaak gemaakt met zongedroogd zeezout en schijnt heel gezond te zijn [2]. Dit is zo’n geval waarbij ik dan zelf kies voor het product met meer koolhydraten.

Het aantal koolhydraten per portie is overigens nog steeds niet groot, want voor een pan stoofvlees met 2 kilo vlees gebruikte ik 4 eetlepels ervan. Ik heb het ook recht uit de fles geproefd. Het is een heerlijke smaakmaker. Persoonlijk vind ik het een goede vervanger van sojasaus. Maar hierin moet je natuurlijk je eigen keuze maken. Je kunt uiteraard ook tamarisaus gebruiken.

In mijn eigen versie van de Rendang Daging gebruikte ik een kruidenpasta van allerlei verse en gedroogde smaakmakers. Het resultaat was z√≥ ontzettend lekker! Dit mogen ze me elke week wel een keer voorschotelen. Ook m’n man en kinderen waren meteen verkocht. Wij aten het met bloemkoolrijst, snijbonen en een gekookt eitje.

Rendang Daging

  • 4 grote uien

Kruidenpasta:

  • 6 tenen knoflook
  • 4 cm verse gember
  • 1 rode peper
  • 3 tl komijnzaadjes (of gemalen komijn)
  • 3 tl ketoembar (= gemalen koriander)
  • 1 1/2 tl citroengras
  • 1 tl laos
  • 1 tl kerrie
  • 2 tl kurkuma
  • 1 tl sambal, of gemalen chilivlokken naar smaak
  • 6 el kokosvet

Stoofvlees:

  • ¬Ī 2 kilo riblappen of sucadelappen
  • 4 laurierbladen
  • 5 el kokosrasp

Stoofvocht:

  • 2 1/2 el citroensap
  • 400 ml kokosmelk
  • 4 el coconut aminos (of tamarisaus)
  • warm water
  • eventueel konjakpoeder (koolhydraatarm bindmiddel)

Maak uien en knoflook schoon en schil de gember. Verwijder de zaadjes van het pepertje. Snijd de uien grof. Hak de knoflook, gember en het pepertje fijn en doe ze in een apart kommetje.

Meet daar de kruiden en de sambal bij af. Roer deze kruidenpasta door elkaar.
Snijd het vlees in kleine stukjes.

Verhit het kokosvet in een grote braadpan. Bak hierin de kruidenpasta even aan. De geuren en smaken komen op deze manier veel beter vrij. Voeg dan de uien toe en smoor ze in de kruidenpasta.

Doe het vlees erbij en bak het vlees even aan tot het wat bruin wordt. Voeg dan de laurierbladen en de kokosrasp toe.

Warm het citroensap, samen met de kokosmelk en de coconut aminos op in een apart pannetje. Als je het koud aan het vlees toevoegt heb je namelijk kans dat het vlees taai wordt.

Voeg het dan toe aan het vlees in de braadpan. Vul aan met warm water tot het vlees (bijna) onder staat. Laat het vlees dan een paar uur pruttelen op laag vuur, totdat het gaar is. Of zet het weg op een manier dat het lang warm blijft. Je kunt dat doen in een hooikist of in een (oude) slaapzak. Breng het dan tussendoor nog 1 of 2 keer terug aan de pruttel en zet het weer weg. Op deze manier heb je er bijna geen omkijken naar. Je kunt zo’n gerecht ook heel goed maken in een slow cooker.

Als het stoofvlees helemaal gaar en mals geworden is kun je het het vocht naar wens wat in laten koken of binden met konjakpoeder.

Wil je het recept liever printen? Kijk dan hier: Rendang Daging.

 

 

Bronnen

[1] Wat mag ik nog w√®l eten? Blog over de voedingslijsten van de Real Meal Revolutie, die een goede leidraad vormen om op een gezonde manier koolhydraatarm en vetrijk te eten. De grijze lijst bevat voedingsmiddelen die in het ‘grijze gebied’ zitten. Aangenomen wordt dat ze geen bijdrage leveren aan je gezondheid, maar sommige mensen vinden het moeilijk om ze helemaal op te geven. Maak daarin je eigen verstandige keuzes.

[2] De voordelen van Coconut Aminos Een pagina die uitlegt wat Coconut Aminos is en wat de gezondheidsvoordelen ervan zijn.

Winterse pompoensoep

Als het koud is krijg ik zin in van die heerlijk gevulde soepen. Eerder gaf ik al het recept van de Oosterse soep met kipgehakt, goulashsoep en pindasoep. Ook de pompoensoep van vandaag is zo’n winters recept.

Wanneer we pompoensoep maken is dat meestal een gepureerde soep met kokosmelk. Nu had ik zin in wat meer ‘bite’ en een andere smaak.

Voor een gevulde soep kun je nog steeds een gepureerde soep als basis gebruiken. Dan voeg je daar gewoon groenten aan toe. De groenten kun je van te voren even roerbakken. Ook kun je ervoor kiezen om een deel van deze groenten mee te pureren. Dat is wat ik deed bij deze pompoensoep. Het resultaat was een soep met nog steeds die fluweelachtige structuur van de gepureerde pompoen met die lekkere ‘bite’ waar ik zo dol op ben.

Deze soep bevat van zichzelf niet zoveel vetten. Gebruik daarom om te beginnen ruim vet om de groenten in te smoren. Zorg verder voor voldoende vetten in de rest van je maaltijd.

Eet je de soep als maaltijdsoep, dan is een stuk zonnebloempitten quiche of Noors platbrood rijkelijk besmeerd met (kruiden)roomboter of kokosvet er erg lekker bij. Of besmeer wat zelfgemaakt zaden- en pittencrackers voor erbij.

De soep is vegetarisch, maar je kunt er natuurlijk gebakken spekblokjes of ander vlees aan toevoegen. Het recept hieronder is voor een grote pan soep, zo’n 4 liter. Je kunt de soep ook goed invriezen.

Pompoensoep met wintergroenten

  • 1 flinke pompoen (komt niet zo precies, ik had in totaal 2 1/2 kg pompoenblokjes)
  • 3 teentjes knoflook
  • 2-3 cm gember
  • ruim kokosolie en olijfolie, om de groenten te fruiten

Groenten voor de vulling naar keuze, bijv:

  • 2 uien
  • 3 wortels
  • 1/2 knolselderij
  • 3 wortelpeterselie
  • 4 paprika‚Äôs
  • 1 prei

Kruiden (veel gezonder dan bouillonblokken):

  • Keltisch zeezout, naar smaak (¬Ī3-4 tl ongeveer)
  • 1 1/2 tl elk van komijn, koriander, kurkuma, kerrie, gerookte paprika
  • 1/2 tl nootmuskaat
  • water
  • peper
  • 8-10 druppels worcestershire saus, of meer naar smaak


Bereiden:

Snijd de pompoen doormidden en lepel de zaden eruit. Snijd de pompoen met schil in blokjes.

Maak knoflook, gember, uien, paprika’s, wortels, knolselderij, wortelpeterselie, paprika’s en prei schoon. Hak de knoflook en gember fijn. Snijd de groenten in stukjes.

Verhit ruim kokosvet en olijfolie in een pan. Fruit de uien met de knoflook en gember. Voeg daarna de wortels, knolselderij en wortelpeterselie toe en fruit ze een minuut of 5. Voeg de paprika toe en fruit ze een paar minuten mee. Doe er dan de prei bij. Voeg 1 tl van het zout en alle kruiden toe en laat ook deze een paar minuten meebakken.

Schep ongeveer 2/3 deel van de groenten uit de pan. Voeg dan 1 liter water toe en de pompoenblokjes. Doe hier nog 1 tl zout bij en breng het aan de kook.

Laat de pompoenblokjes ¬Ī10 minuten koken of tot de pompoen goed gaar is. Pureer de soep met een staafmixer. Verdun de soep met water tot deze de gewenste dikte heeft.

Doe de groenten terug in de soep. Breng de soep op smaak met worcestershire saus, peper en zout en laat de groenten (beet)gaar worden.

Tip: Serveer met cr√®me fra√ģche of slagroom. Of eet er stukjes verse kokosnoot bij voor extra en gezonde vetten.

En hier is een printbare versie van het recept: Winterse pompoensoep.

Niet afvallen… deel 1

als je niet afvalt!

Een gezonde koolhydraatarm en vetrijke leefstijl is één van de beste dieten om je optimale gewicht te bereiken. Wetenschappelijk bewezen [1]. Toch is het geen garantie dat je (snel) afvalt. Maar deze leefstijl is zó gezond dat er alle reden is om gewoon door te gaan. En met een lange adem is er grote kans dat je uiteindelijk toch richting je optimale gewicht zult gaan.

Afvallen kun je op verschillende manieren. E√©n daarvan is je calorie√ęn drastisch beperken. Een typische manier van di√ęten. En het werkt. Op de korte termijn. Zeker als je ook nog eens de gezonde(re) keuzes maakt. Je lichaam heeft extra energie nodig en spreekt z’n reserves aan. Maar geeft ook signalen dat het niet goed gaat. Je krijgt honger. Zin om te snaaien.

Vaak heb je ook minder energie. D√© manier van je lichaam om te zeggen: H√©, er moet nu wel iets veranderen. Gebeurt dat niet dan gaat je verbranding op een lager pitje. Je lichaam past zich aan om ook op langere termijn met minder voeding toe te kunnen. Dan stagneert het afvallen. Een hele nuttige overlevingsstrategie. Blijf je de rest van je leven zo eten, dan is er niets aan de hand. Blijvend calorie√ęn beperken is een wetenschappelijk bewezen methode om langer te leven, in goede gezondheid. Mits je de gezonde dingen eet [2].

Maar de meeste mensen willen niet dag in dag uit hun calorie√ęn beperken. Di√ęten hou je niet je hele leven vol. Je voelt je beperkt. Er zijn allerlei verleidingen. Je wilt weer ‘gewoon’ eten. En dan komen die kilo’s ongenadig terug. Vaak nog wat meer, want inmiddels heb je niet meer zoveel calorie√ęn nodig. Je lichaam heeft zich aangepast.

Daarom is di√ęten eigenlijk nooit een goed idee. Blijvende verbeteringen in je leefstijl w√®l. Doe het op een manier dat je het vol kunt houden. Ga anders eten, niet minder. Gezonder. Zoals de natuur het bedoeld heeft. Vermijd suikers. Eet meer vetten. Ga terug naar √®cht eten, in plaats van alles wat de industrie ervan maakt. Geef je lichaam dat wat het nodig heeft.

Het lichaam gaat dan herstellen van wat jarenlange overmatige suiker- en koolhydraatconsumptie heeft aangericht. Plus het eten van sterk bewerkt voedsel. Het gaat het evenwicht herstellen. Dat gebeurt op allerlei vlakken. Hormonen komen weer in balans, ontstekingen verminderen of verdwijnen, organen worden gezonder. Cellen krijgen meer energie. Hersencellen worden beter ‘gevoed’ en kunnen beter onderling communiceren. Insuline en bloedsuikerspiegels gaan omlaag en worden stabieler. Het maakt de weg vrij naar de vetcellen. Vetten verbranden en er worden extra ketonen gevormd. De vetcellen slinken.

En toch beweegt de weegschaal soms niet mee. Of niet snel genoeg naar je zin.   Hiervoor kunnen allerlei redenen zijn. Daarom kun je meestal niet zo één twee drie zeggen waar het precies aan ligt. Maar het kan wel helpen om te weten wat veelvoorkomende oorzaken zijn. Ben jij vaak in gevecht met je weegschaal, lees dan vooral verder.

Kijk waar je jezelf in herkent en waar je eventueel iets aan kunt doen. De verschillende mogelijkheden zijn genummerd, maar geven geen prioriteit of andere volgorde aan.

Mogelijke oorzaken waarom je niet (snel) afvalt op een koolhydraatarm en vetrijk dieet:

1. Je meet niet op de goede manier.

Bij de meeste mensen die koolhydraatarm en vetrijk eten verandert het lijf. Je krijgt meer gezichtsexpressie, jukbeenderen en sleutelbeenderen worden zichtbaarder, je vetpercentage vermindert en je krijgt er spiermassa voor terug. Vaak zelfs  als mensen niet meer gaan bewegen. Dat zie je niet op de weegschaal. Wel in de spiegel. Mits je het wilt zien. We zijn vaak veel te kritisch op onszelf. De weegschaal is echt geen goede graadmeter. Het kan zelfs zijn dat je gewicht toeneemt, want spieren zijn zwaarder dan vet. Echt waar. Bovendien schommelt gewicht van dag tot dag. Die ene meting zegt echt helemaal niets. In plaats van wegen, kun je dus beter kijken of je strakker in je vel komt te zitten. Meet je middel ter hoogte van je navel. Hou bij of daar verandering in zit. Pas eens een broek van een jaar geleden. Zit je er echt niet losser in? Wil je toch echt wegen, bereken dan het gemiddelde van een week en schrijf dat op. Hou de trend bij van dat gemiddelde [3].

2. Je hebt niet voldoende geduld.

Een veelvoorkomend probleem. We willen snel resultaat. We horen dat de kilo’s er bij een ander afvl√≠egen. De eerste weken verliest bijna iedereen gewicht. Dat is voornamelijk water. Glucose wordt in je lichaam opgeslagen als glycogeen. Samen met water. Als je koolhydraatarm gaat eten dan slinken deze voorraden en verlies je ook dat water. Hoe groter je voorraad glycogeen was, hoe meer water je dus verliest [4, 5]. Het is dus nog geen vetverlies. Maar daarmee niet minder belangrijk. Het kan wel zijn dat het gewichtsverlies daarna een tijdje stil staat, voordat je lichaam z’n eigen energie gaat vrijgeven. Blijf hier vooral rustig onder. Geef je lichaam de tijd om te herstellen. Erover gaan stressen heeft alleen maar een negatief effect. En bekijk het zo: het gewicht is er in 20 of 30 jaar bij gekomen (of zelfs langer). Dat gaat er niet in √©√©n keer weer af. Niet op een gezonde manier.

3. Je hebt teveel stress of te weinig ontspanning.

Stress is een hele belangrijke factor bij overgewicht en problemen om af te vallen. Ons lichaam is ontworpen om in korte periodes van stress goed te handelen. Door het kortstondig verhogen van bepaalde hormonen kun je snel wegrennen bij gevaar bijvoorbeeld. Maar tegenwoordig blijft het meestal niet meer bij die piekmomenten. Veel mensen ervaren chronische stress. Soms extreem, maar heel vaak ook minder extreem en daardoor misschien zelfs onbewust.

Denk aan voortdurend haasten. Continue onrust of ontevredenheid. Voortdurend klaar moeten staan voor iedereen om je heen die een beroep op je doet. Een relatie waar je niet gelukkig in bent. Werk waar je geen waardering voor krijgt. Iedere dag je calorie√ęn beperken en je lichaam daarmee ontzeggen wat het eigenlijk nodig heeft. Continu bereikbaar zijn. Altijd haastig eten. Eten terwijl je ondertussen op je telefoon bezig bent. Allemaal voorbeelden waarbij het lichaam niet vaak genoeg in een rusttoestand komt. Hierdoor blijven de stresshormonen lange tijd verhoogd. Dat is op lange termijn erg slecht voor je gezondheid. Het zorgt er ook voor dat je niet goed kunt afvallen. Bij stress verhoogt o.a. het hormoon cortisol. Hierdoor stijgt je bloedsuikerspiegel en dat heeft weer invloed op insuline. Door het hogere cortisol niveau, geeft je lichaam ook hongersignalen af. Waardoor je dus weer meer gaat eten. En vaak niet de gezondste dingen.

Zorg dus voor voldoende ontspanning en rust voor je lijf. Het is niet altijd mogelijk of nodig om de situatie te veranderen. Het scheelt een heleboel hoe je er tegenaan kijkt. Zoek naar de dingen in je leven waar je wel tevreden over bent. Bedenk elke dag bijv. drie dingen waar je gelukkig van wordt. Of dankbaar voor bent. Het klinkt zweverig, maar het helpt echt. Er is een sterke relatie tussen onze geest en ons lijf. Positieve gedachten hebben wel degelijk een positieve invloed op ons lijf. Mindfullness, yoga, bidden of mediteren horen daarom bij een gezonde leefstijl. En ze kunnen er zeker voor zorgen dat je wel af gaat vallen.  [3, 6]

4. Je slaapt te weinig.

Voldoende goede en diepe slaap is een voorwaarde voor gezondheid op langere termijn. Onvoldoende slaap heeft ook een nadelig effect op je gewicht. Zo raken hierdoor honger- en verzadigingssignalen van slag. Je gaat dan meer eten omdat het lijkt alsof je honger hebt, terwijl je lijf voldoende energie heeft. Te weinig slaap leidt ook tot ongezondere gewoonten: meer snacken en minder gezonde keuzes. Als je niet voldoende uitgerust bent, geeft dit soort eten ook meer een beloningseffect in je hersenen. Het verslavingseffect van eten is dan dus groter. Uit sommige onderzoeken bleek ook de verbranding van het lichaam in rusttoestand omlaag te gaan bij een gebrek aan slaap. Slaapgebrek kan zelfs leiden tot insulineresistentie. Daardoor ga je meer vet opslaan. Slapen heeft dus een positief effect op gezonde eetgewoonten en een goede verbranding.  Bovendien hebben uitgeruste mensen meer zin om te bewegen. Slaap heeft dus op allerlei manieren invloed op je gewicht. Op tijd naar bed dus. [7, 8].

5. Je hebt een tekort aan natuurlijke vitamine D.

Voldoende vitamine D is essentieel voor iedereen. Veel belangrijker dan de meeste mensen denken. Het houdt je gezond en een tekort kan ervoor zorgen dat afvallen niet lukt [9, 10]. Het is wel de vraag of supplementen (vitamine D in tabletvorm of druppels of zo) hierbij helpen. Er zijn wetenschappers die denken dat het averechts werkt omdat je lichaam dan zelf minder vitamine D aanmaakt. Ga in ieder geval elke dag naar buiten. Zo vaak mogelijk. Zorg voor zoveel mogelijk zonlicht op je huid en in je ogen [11].

6. Je eet toch nog teveel koolhydraten.

Om vetten te verbranden is het nodig om een lage insulinewaarde te hebben. Insuline is een hormoon dat er o.a. voor zorgt dat glucose zo snel mogelijk naar de cellen vervoert wordt. Maar het reguleert ook vetopslag versus vetverbranding. Het is heel persoonlijk hoeveel je insuline stijgt als je eet. Als twee personen hetzelfde eten, kan bij de √©√©n de insuline laag blijven en bij de ander pieken. Helaas is het zo dat de meeste mensen met overgewicht al een zekere mate van van insuline-resistentie hebben opgebouwd. Dan moet het lichaam meer insuline produceren om je bloedsuiker binnen de grens te houden of te krijgen. Het goede nieuws is dat een gezonde koolhydraatarme en vetrijke leefstijl de beste manier is om dit te herstellen. Maar het kan daardoor wel langer duren voordat je begint af te vallen [12]. Overigens kunnen mensen zonder overgewicht ook insuline-resistent worden. Die mensen zijn dun ‘van buiten’ maar worden vet ‘van binnen’. Ze krijgen een vervette lever, insuline type 2 etc.

Kijk eens kritisch naar de dingen die je (regelmatig) eet. Denk bijvoorbeeld aan fruit. Fruit is zeker niet het ongezond(st)e deel van onze voeding. Maar het zijn wel echte suikerbommetjes (geworden). Daar worden ze zelfs speciaal voor gekweekt. Dat vinden we immers zo lekker. Beperk het en zoek naar seizoensgebonden fruit. Ook goed met groenten overigens!

Pas op voor zogeheten koolhydraatarme producten uit de winkel. Ik geloof zelf bijvoorbeeld niet in koolhyraatarm brood. Allereerst zit daar meestal nog gewoon graan en dus gluten in. Met alle gezondheidseffecten op de korte en langere termijn. Bovendien zitten er nog steeds veel koolhydraten in. Kijk altijd op de etiketten. Let op koolhydraten, maar ook op de ingredi√ęntenlijst. Bak zelf eens je eigen zaden- en pittencrackers. Ook nog eens heel rustgevend om te doen!

Let erop dat je je tussendoortjes niet vervangt door allerlei koolhydraatarm lekkers gemaakt met amandelmeel (en meestal ook zoetstoffen). Vervang het koekje bij de koffie niet door dit soort baksels, maar probeer er vanaf te komen. Bewaar je creatieve baksel voor speciale momenten. Laat ze de uitzondering in plaats van de regel zijn. Dan geniet je er dubbel zoveel van. Eet nog liever de (rauwe) amandelen zo, dan in de vorm van amandelmeel. Maar let ook daarmee op. Het is makkelijk om er teveel te eten.

Lees eens rustig door de voedingslijsten van de Real Meal Revolutie. Gebruik vooral de dingen van de groene lijst en let goed op wat er op de oranje lijsten staat (voorzichtig mee zijn of vermijden) en uiteraard op de rode (nooit meer gebruiken) en de grijze (verstand gebruiken). Hou in gedachten dat alle koolhydraten ook gebruikt worden als energie, of opgeslagen worden.

7. Je gebruikt regelmatig suiker of zoetstoffen. 

Ik denk dat iedereen die koolhydraatarm probeert te eten, weet dat je geen suiker moet eten. Suiker is misschien wel de bekendste koolhydratenbron. Je krijgt snelle energie, maar onder invloed van insuline wordt de rest opgeslagen als vet. Je bloedsuiker daalt dan weer (te) snel.  Met als gevolg dat je weer trek hebt in iets zoets. Bij de meesten wel bekend inmiddels.

Minder bekend is dat ook zoetstoffen dit effect hebben. Zelfs degene waarvan beweerd wordt dat ze in een koolhydraatarm en vetrijk dieet passen: pure stevia, Xylithol en Erythritol. Alleen groene stevia vormt daar blijkbaar een uitzondering op. Dat zijn de verse of gedroogde blaadjes van de stevia-plant. De reden dat die niet dat effect hebben, schijnt te zijn omdat ons lichaam de groene stevia nog als plant herkent. Dat geldt niet voor zoetstoffen. Het lichaam denkt dat er suiker komt en produceert alvast extra insuline. Die glucose komt echter niet. Vanwege die insuline piek wordt de glucose die op dat moment in je bloed aanwezig is, naar de cellen vervoert. Dan daalt je bloedsuikerspiegel dus teveel. De bekende suiker-dip. Ook dan krijg je dus honger. En met name zin in zoete dingen. En je kunt geen vetten verbranden omdat daarvoor je insuline niveau laag moet zijn. Ook voor zoetstoffen geldt helaas: hoe insuline resistenter je bent, hoe meer effect ze hebben op je insuline niveau. [13]

Probeer dus zoetstoffen te vermijden.  Dit geldt extra als je niet of niet meer afvalt terwijl je je optimale gewicht nog niet bereikt hebt. Geef het een paar weken. Het went snel, echt!

Suiker en zoetstoffen helemaal vermijden valt nog niet zo mee. Zelfs niet als je ze bewust probeert te vermijden. In de volgende producten zitten heel vaak suiker en/of zoetstoffen. Niet alleen slecht voor je lijn, maar ook voor je gezondheid. Koffiemelkpoeder, automatenkoffiemelk,  kauwgom, koolhydraatarme of light frisdrank, zuivel, chocolade, voedingssupplementen, sauzen (in potten, maar ook in pakjes en zakjes),  mayo, ketchup, groenten of fruit in blik of glas, zoetzuur (zoals augurken en uitjes),  alcoholische dranken, koolhydraatarme siroop …  Kortom, waar niet in? Zie je meteen waarom de basis van onze leefstijl bestaat uit het overgaan op èchte en onbewerkte voeding.

8. Je eet nog granen.

Ik noemde het hierboven al even. Granen zijn niet koolhydraat-arm. Hoe graag de bakkers van koolhydraat-arme broden dat ons ook willen laten geloven. Ze zorgen op den duur voor problemen bij vrijwel iedereen. Ze maken de darm poreuzer. Hierdoor ontstaan laaggradige ontstekingen. In je darmen, maar ook in je hersenen. Hierdoor kunnen allerlei chronische ziekten ontstaan. Maar het heeft ook effect op je gewicht. Bij ontstekingen zal het lichaam (meer) vet vasthouden. Vet werkt namelijk beschermend (tegen ontstekingen, gifstoffen etc.) [14].

9. Je drinkt de verkeerde dingen.

Drink voldoende. Luister naar je lichaam, dus ook naar signalen van dorst. Omdat we normaal gesproken vaker drinken dan eten, is het belangrijk om kritisch te kijken naar wat je drinkt. Vermijd alle frisdrank, behalve bronwater. Drink bron- of kraanwater [15], koffie of thee. Allemaal ongezoet. Ook geen zoetjes erin dus. Voeg wat munt, citroenmelisse of komkommer toe aan je water voor een smaakje. Citroen- of limoensap kan ook, maar pas op voor je gebit vanwege het zuur. Het is daarom niet verstandig om het in kleine slokjes te drinken en er lang over te doen. Als je niet afvalt, drink dan liefst je koffie tijdelijk zwart. Als je dat niet lust voeg wat volle koffieroom of slagroom toe, maar beperk het gebruik ervan dan tot 1 of 2 kopjes op een dag. Want ook daar zitten melksuikers in. En pas op voor cappuccino’s en latte’s en dergelijke. Vaker dan niet zijn ook die gezoet.

10. Je eet te weinig (vetten) of de verkeerde.

Je lichaam zal pas z’n reserves vrijgeven als het weet dat het voldoende krijgt. We zitten vaak nog zo in de dieet mentaliteit dat het er gewoon niet in wil, dat we veel vetten moeten eten. Dat stemmetje in je hoofd: ‘Dat kan toch niet gezond zijn?’. En toch is het eten van voldoende gezonde vetten de basis voor deze gezonde leefstijl. Wissel de gezonde vetten af. Bijv. roomboter op je cracker of je groenten, kokosvet om in te bakken, olijfolie over je salades of groenten. Maar denk ook aan vette vis of vlees, avocado’s, zaden en pitten enzovoorts. Vermijd slechte vetten. Plantaardige olie (zonnebloem, raapzaad, ‚Ķ etc.) en alle halvarines, margarines, vloeibare boters, etc.) Ze zijn allemaal ongezond en ook deze leiden tot ontstekingen in het lichaam. En dat helpt weer niet bij afvallen, zoals we al eerder zagen. [16]

Dit waren de eerste 10 mogelijke redenen waarom je niet afvalt. Er zijn er meer. Maar ik heb besloten om ze te bewaren voor een volgende blog. Dan heb je tijd om deze te laten bezinken. En heb ik tijd om de rest uit te werken.

Wordt vervolgd…

Bronnen

[1] Why eat keto ‚Äď the benefits Op deze grote en bekende Zweedse DietDoctor website (in het Engels) staat onder het kopje ‘Why eat keto ‚Äď the benefits’ een verwijzing naar 20 kwalitatief hoogwaardige studies die aangetoond hebben dat een koolhydraatarm dieet leidt tot meer gewichtsverlies dan andere di√ęten. Je kunt doorklikken naar een compleet overzicht van die studies.

[2] Dietary restriction with and without caloric restriction for healthy aging Beschrijving van een wetenschappelijk onderzoek naar alternatieve methoden om dezelfde positieve effecten op ‘longevity’ (=langer gezond leven) te behalen als die wetenschappelijk aangetoond zijn voor calorie-beperkende di√ęten. Het artikel beschrijft dat voor die voordelen je calorie√ęn blijvend 25-30% moet verlagen en dat ook de kwaliteit van de voeding meetelt. In het onderzoek kijken ze naar andere methoden, zoals periodiek vasten om dezelfde positieve effecten te behalen.

[3] How to lose weight? Engelstalig artikel op de bekende Zweedse DietDoctor website met 18 tips om af te vallen. Punt 5 gaat over het feit dat de weegschaal niet laat zien als je extra spiermassa krijgt. Beschrijft hoe je je tailleomtrek kunt meten en heeft een tabelletje met wat goede, redelijke en niet zo’n goede maten zijn voor mannen en voor vrouwen. Punt 8 gaat over het effect van te weinig slaap op o.a. de neiging om te snoepen.

[4] How much weight do people lose on low carb? Grafiek die laat zien hoeveel gewicht mensen kwijt geraakt zijn tijdens de ‘2 week low carb challenge’ van de bekende Zweedse DietDoctor website. Je kunt daar de uitdaging aangaan om 2 weken koolhydraatarm en vetrijk te eten, volgens een vastgesteld menu plan. De grafiek laat het resultaat voor wat betreft het gewicht zien van mensen die hieraan hebben meegedaan. De meeste mensen raken ongeveer 2 kilo kwijt. Een deel daarvan is waarschijnlijk wel door water-verlies.

[5] Losing Water Weight: How Carbs Really Work Engelstalige webpagina. Duidelijke uitleg over ‘water weight loss’. Als je overgaat op koolhydraatarm en vetrijk eten, gaat je lichaam z’n glucosevoorraad aanboren tot deze een soort onderhoudsniveau bereikt heeft. Glucose komt er namelijk niet meer overdadig veel binnen en vet vormt je nieuwe energiebron.¬† Glucose wordt in het lichaam opgeslagen in de vorm van glycogeen in de lever en de spieren. Voor elke gram glycogeen houdt het lichaam ook 3-4 gram water vast. Die raak je dus ook kwijt als de glycogeenvoorraden slinken.

[6] Why We Gain Weight When We’re Stressed‚ÄĒAnd How Not To … Artikel van Melanie Greenberg, Ph.D.¬† Ze is een psychologe en expert in mindfulness, mindful eten, eten, gezondheid, eetstoornissen en het omgaan met stress. Het artikel beschrijft waarom we zwaarder worden of niet afvallen als we te lange tijd stress hebben. Hormonen zorgen ervoor dat we meer eten, dat het lichaam vet vast houdt en het heeft een negatieve invloed op ons doorzettingsvermogen om gezonde leefstijlkeuzes te maken. Het leidt ook tot emotie-eten, ongezonde voedingskeuzes en een gebrek aan slaap. Het artikel geeft ook tips hoe je hier in tijden van stress iets aan kunt doen: slapen, met aandacht eten (mindfull, dus), jezelf verwennen op andere manieren dan middels eten, een soort dagboek bijhouden waarin je opschrijft wat je denkt, eet, wat je doelen zijn etc.

[7] 7 Ways Sleep Can Help You Lose Weight Engelstalig artikel met 7 redenen waarom voldoende slaap kan helpen bij gewichtsverlies en andersom, onvoldoende slaap kan leiden tot overgewicht. Met verwijzingen naar o.a. wetenschappelijke artikelen.

[8] 10 redenen waarom een goede slaap belangrijk is Artikel wat het enorme belang van goede slaap voor een goede gezondheid benadrukt. Met de bijbehorende studies die dat aantonen. Reden 1: slecht slapen kan je dik maken. Reden 2: goede slapers eten minder doordat hun honger- en verzadigingssignalen beter werken.

[9] Can Vitamin D Help You Lose Weight? Engels artikel wat uitgebreid ingaat op de relatie tussen vitamine D tekort en overgewicht en vitamine D supplementatie en gewichtsverlies.

[10] Afvallen met vitamine D Artikel op Info.nu over hoe vitamine D tekort kan leiden tot obesitas en hoe extra vitamine D afvallen kan stimuleren.

[11] TIME #11 CAN YOU SUPPLEMENT SUNLIGHT? Artikel van Dr. Jack Kruse die zich gespecialiseerd heeft in het effect van (zon)licht. Hij heeft ernstige bedenkingen of je een tekort aan vitamine D kunt oplossen door inname van vitamine D supplementen. ‘Het is alsof je aan iemand anders vraag om je push-ups voor je te doen’, zegt hij…

[12] Insuline; het hormoon dat je vet stevig vasthoudt Deze pagina beschrijft duidelijk het verhaal van insuline, insuline-resistentie en het effect op gewicht. Deze site van Energieke Vrouwen heeft overigens geen strikte koolhydraatarme aanpak. Het gaat wel uit van het verminderen van vooral snelle koolhydraten en op die manier een stabielere bloedsuikerspiegel cre√ęren. Maar de recepten en ingredi√ęnten die genoemd worden zijn dus niet allemaal geschikt voor een koolhydraatarme en vetrijke leefstijl. Verder ben ik het persoonlijk niet eens met de bewering dat je je ontbijt niet over mag slaan. Ik denk dat je het beste kunt eten als je honger hebt en dan moet eten tot je vol zit. Ook denk ik dat snacken tussen maaltijden door dan echt niet nodig is. Sterker nog, dat het beter is om niet te snacken.

[13] Kunstmatige zoetstoffen: (on)gezond? Artikel van Robert Jan Hendriks op de site OptimaleGezondheid o.a. over de effecten van zoetstoffen op de bloedsuikerspiegel. Beschrijft ook dat mensen zelfs diabetes kunnen krijgen van het gebruik van zoetstoffen. Effecten die in onderzoeken met dieren aangetoond zijn. Dit artikel laat ook wel zien dat er altijd discussie zal blijven over of zoetstoffen wel of niet gezond zijn.

[14] The Inflammation and Weight Loss Connection: How Inflammation is Keeping You Overweight Engelstalig artikel dat uitlegt hoe chronische ontstekingen overgewicht in stand houden. Gaat in op wat die chronische ontstekingen kan veroorzaken. Dit zijn dingen als chronisch teveel eten, roken, stress, hoge bloedsuiker en hoge bloeddruk. Maar ook voedingsmiddelen die sterk bewerkt zijn, kunstmatige toevoegingen, chemicali√ęn, zoetstoffen, conserveringsmiddelen, gluten en melkproducten. Beschrijft ook hoe je ontstekingen met een leefstijl met gezonde voeding en beweging kunt verminderen.

[15] Drink water als je wilt afvallen Artikel van Jasper Alblas over het belang van het drinken van water als je wilt afvallen.

[16] Vet goed, dat vet! Blog over het belang van voldoende vetten eten en het belang van de gezonde vetten kiezen.

 

 

Oosterse soep met kipgehakt

Fusion koken. Een paar jaar geleden was dat heel erg populair. Het betekent dat je elementen uit verschillende eetculturen met elkaar gaat vermengen. Op die manier ontstaan weer verrassende nieuwe recepten.

In deze soep komen verschillende Oosterse culturen bij elkaar. Ik heb harissa gebruikt om het kipgehakt op smaak te brengen. Harissa is een Noord-Afrikaanse hete rode saus. Ik vind het geweldig goed combineren met kipgehakt omdat dat een vrij neutrale smaak heeft.

Je kunt de harissa zelf maken. Onderaan de blog staan twee koolhydraatarme recepten [2, 3]. Deze saus kun je dan weer invriezen in siliconen ijsblokjesvormen. Zodra het bevroren is, doe je het eenvoudig over in een diepvrieszak of -bakje. Als je de harissa in de winkel koopt, let dan goed op de ingredi√ęntenlijst. Kijk niet alleen naar het aantal koolhydraten (zoveel gebruik je er tenslotte niet van), maar vooral ook naar de ingredi√ęnten. Let bijv. op suikers, zoetstoffen en andere E-nummers.

Om de soep op smaak te brengen heb ik groene curry pasta gebruikt. Er bestaan verschillende soorten groene curry. Het wordt veel gebruikt in o.a. Thailand maar ook India. Hiervoor geldt hetzelfde. Je kunt het zelf maken [4, 5] en ook invriezen. Als je het koopt, let dan goed op de ingredi√ęntenlijst.

Ik heb zowel de harissa als de groene curry pasta nog nooit zelf gemaakt. Het staat wel op m’n lijstje. Het lijkt me heerlijk om ze allebei op voorraad te hebben in de diepvries. Net als zelfgemaakte groene pesto.

Dit fusion-experiment is in ieder geval goedgekeurd. Door de hele familie. Wat was dit smullen, zeg. Zo’n soep waarvan je de volgende dag helemaal blij wordt, omdat je weet dat er nog over is.

De soep heeft een wat zoetige smaak van de kokos. Dat bleek een heerlijke combinatie met het pittige kipgehakt en de groene curry. Je kunt zelf uiteraard wat spelen met de hoeveelheid harissa en groene curry pasta, want de één houdt meer van pittig en de ander meer van mild.

Varieer ook gerust met groenten van je eigen keuze. Denk aan paksoi, spinazie, wortel, champignons, sperziebonen, etc. Op deze manier kun je ook kiezen voor groenten die meer of minder koolhydraten bevatten, afhankelijk van je eigen gezondheids- of gewichtsdoelen.

Oosterse soep met kipgehakt

  • 2 uien
  • 3 stengels bleekselderij
  • 350 g broccoli
  • 3 paprika’s
  • 2-3 cm verse gember
  • 3 tenen knoook
  • kokosvet
  • 600 g kipgehakt
  • versgemalen peper en zeezout
  • 1¬† 1/2 tl harissa
  • 1¬† 1/2 tl groene curry pasta
  • 2 blikjes kokosmelk √† 270 ml
  • bijna 2 l water (7 keer blikje bijvullen)
  • 4 tl Keltisch zeezout
  • 1 tl koriander
  • 1 tl komijn
  • 2 tl kurkuma
  • 3-4 tl konjakpoeder (koolhydraatarm bindmiddel)

Bereiden

Maak de groenten schoon en snijd ze in stukken. Maak de verse gember en de
knoook schoon en hak ze heel fi jn. Bak de uien met de gember en knoflook glazig in ruim kokosvet.

Voeg het kipgehakt toe en strooi daarover peper en zout. Smeer er de harissa over, zodat het een beetje verdeeld is. Verdeel de kruiden en de ui onder het gehakt. Doe dit terwijl het gehakt nog rauw is, zodat je het goed kunt verdelen en laat het dan bruin bakken. Roer het af en toe door, zodat je grove stukjes gehakt krijgt. Het is niet de bedoeling dat het gehakt helemaal kruimigelig gebakken wordt. Net die grove stukjes geven straks die lekkere bite en de extra pit!

Voeg dan eerst de bleekselderij toe, dan de broccoli en dan de paprika’s. Laat de groenten tussendoor steeds even smoren.¬† Door de hardere groenten eerst toe te voegen, wordt alles toch gaar.

Doe er de groene curry pasta bij. Giet er de blikjes kokosmelk bij. Vul een van de blikjes 7 keer met water en voeg dat steeds toe. Doe er het zout en de kruiden bij.

Proef de soep en maak ‘m zelf op smaak met peper, zout en eventueel extra kruiden. Laat de groenten beetgaar worden.

Bind de soep eventueel met het konjakpoeder. Het resultaat is deze pan met ongeveer 4,5 liter soep:

De printbare versie van het recept vind je hier: Oosterse soep met kipgehakt

Linkjes:

[1] Harissa Wikipediapagina die kort uitleg geeft over harissa.

[2] Snelle harissa Recept van Jamie Magazine om zelf harissa te maken.

[3] Recept harissa maken. Recept van de website Voedzaam&Snel.

[4] Groene curry Recept van Pauline’s keuken om zelf groene curry te maken.

[5] Groene currypasta maken Recept voor groene curry pasta op de website ‘Feel good by food’.

 

Noors platbrood

Dit Noorse platbrood is heel snel en eenvoudig te maken. Alleen daarom is het al de moeite waard. Daarnaast is het een bron van goede vetten door alle zaden en pitten. En niet te vergeten de eieren, roomkaas en mayonaise. Een echte vetbom dus.

Het is wel wat te vergelijken met de zonnebloempitten quiche. Wij vinden de zonnebloempitten quiche iets smeu√Įger, maar het is leuk om af en toe eens te vari√ęren. Dit platbrood kom je overal op het internet tegen. De oorspronkelijke bron heb ik niet kunnen vinden.

Oorspronkelijk wordt het brood gebakken op een bakplaat. Dat heb ik ook wel eens gedaan. Deze keer maakte ik het beslag direct in een siliconen vorm. Op die manier heb je geen extra afwas. Wel voorzichtig roeren, zodat je de vorm niet beschadigt.

Het recept is zoals gezegd heel simpel. Mix in de goede volgorde de ingredi√ęnten en zet de vorm dan in een voorverwarmde oven. Even bakken en klaar! In plaats van geraspte kaas kun je de kaas ook in kleine blokjes snijden. Gebruik je wel geraspte kaas, dan kun je die het beste zelf raspen. In zakjes kaas uit de winkel zit meestal zetmeel om te zorgen dat de kaas niet aan elkaar gaat plakken. En vaak ook kleurstoffen.

Je kunt dit Noorse platbrood zó uit het vuistje eten met wat roomboter, of belegd met kaas, zalm, ham, komkommer, tomaat, kiemgroenten, etc. Wij eten het zelf graag bij een kom (maaltijd)soep. Net als de zonnebloempitten quiche, trouwens.

Je kunt het brood ook meenemen als lunch en verder laat het zich goed invriezen. Het is dan wel handig om het vooraf in stukken te snijden.

Met dit recept kun je ook volop vari√ęren. Voeg eens grofgesneden uien, knoflook en paprika toe (eventueel even gesmoord van te voren). Uitgebakken spekjes. Of Italiaanse kruiden, gedroogde tomaatjes, olijven, stukjes salami, etc.

Tip: heb je niet alle genoemde zaden en pitten, dan kun je ook hiermee vari√ęren. Maak ‘m alleen met lijnzaad. Of voeg chiazaad toe. Zaden en pitten wegen ongeveer 75 gram per halve Amerikaanse cup. Vul je 2 cups, dan is het dus goed. Hiervoor kun je ook een standaard Nederlandse maatbeker nemen. Vul die tot 500 ml. Precies omgerekend is het 480 ml. Maar zo nauw komt het echt niet.

Noors platbrood

  • 3 eieren
  • 1 el (zelfgemaakte) mayonaise
  • 2 grote el roomkaas of Griekse yoghurt
  • 1 1/2 tl bakpoeder
  • 140 g geraspte (liefst oude) kaas
  • 70 g sesamzaad
  • 70 g lijnzaad
  • 80 g zonnebloempitten
  • 80 g pompoenpitten


Klop eerst de eieren en meng ze dan met de mayonaise, roomkaas of Griekse
yoghurt. Dit kun je dus direct in een grote siliconen bakvorm doen als je wilt.
Roer dan wel voorzichtig, zodat je de vorm niet beschadigt.

Strooi er het bakpoeder over en maak er een glad beslag van.

Doe er daarna de kaas bij en roer deze erdoor.

Voeg de zaden toe en meng ze goed door het beslag.

Als je het brood op een bakplaat wilt bakken, bekleed je deze met bakpapier of een bakvel. Smeer het deeg hierover uit. Gebruik de achterkant van een (vochtige) lepel om het deeg gelijkmatig uit te smeren tot een dunne massa.

Bak het platte brood midden in een voorverwarde oven van 180-200 graden C in ¬Ī15 minuten of totdat het een mooie goudgele kleur heeft gekregen.

Laat het afkoelen en snijd het brood in circa 16  stukken.

Het printbare recept vind je hier: Noors platbrood

 

Soufflé met spruitjes

Dit was echt een uitprobeersel. Achteraf gezien een succesvol experiment! Anders kwam ‘ie natuurlijk niet op de blog. Maar toch. Er zit wel verschil tussen het ene en het andere lekkere gerecht. Dit is er zo √©√©n waarvan ik blij ben dat deze voortaan in m’n receptenmap zit. Deze blijft!

Ik denk dat deze soufflé ook lekker is met andere groenten. Denk aan prei, broccoli of spinazie. Of in het voorjaar met asperges, verse doperwten of rucola (met geitenkaas bijvoorbeeld). Of met heel veel verse tuinkruiden. Volop mogelijkheden dus.

Een klassieke soufflé bevat veel eieren. Dat was ook de reden dat ik aan een soufflé dacht. Ik had heel veel lekkere eitjes gekregen (waarvoor dank, pap). Bovendien had ik de dag ervoor anderhalve kilo spruiten gekocht. Een quiche had ook gekund, maar we hadden pas de aspergequiche op.

Naast eieren bevat een souffl√© normaal gesproken ook bloem. Maar bloem is bepaald niet koolhydraatarm en bevat bovendien gluten. Een echte ‘no go’, dus. Ik heb daarom de klassieke ‘roux’ van boter, bloem en melk vervangen door een koolhydraatarme saus van boter en spekvet, amandel- en kokosmeel en slagroom. De eiwitten klopte ik op met wat bakpoeder (eventueel wijsteenbakpoeder) voor extra stevigheid.

Bij het maken van de roux wel even opletten! Het is lekker om het mengsel van boter en amandel- en kokosmeel even te laten garen. Maar blijf er dan wel bij. Toen ik even dit deel van het recept aan het opschrijven was, is het mengsel aangebrand. Ik kon ongeveer de helft nog afscheppen en gebruiken. De rest heb ik helaas opnieuw moeten maken. Gelukkig heb ik de volgende keer het recept al klaar en kan ik er m’n aandacht helemaal bij houden.

Voor een wat koolhydraatarmere versie kun je wat meer kokos- en wat minder amandelmeel gebruiken. Of alleen kokosmeel. Hou er wel rekening mee dat kokosmeel veel meer vocht opneemt dan amandelmeel. Ik las ergens dat je in recepten waarbij je bloem wilt vervangen door amandelmeel je 1,5 x de hoeveelheid bloem moet gebruiken. Vervang je bloem door kokosmeel dan zou je slechts 0,25 keer (oftewel één vierde ) van de hoeveelheid moeten gebruiken. Als dat klopt zou je amandelmeel moeten vervangen door slechts één zesde deel kokosmeel. Ik heb echter te weinig ervaring in het koken of bakken met amandel- of kokosmeel om te kunnen zeggen of dit echt waar is. Ik heb wel het idee dat je bij dit recept wat speelruimte hebt. De soufflé zal er niet direct door mislukken denk ik.

Hoe het smaakte? De soufflé had een klein beetjes een cake-achtige structuur. Wel een hele luchtige, door het eiwit. Het had zelfs iets zoetigs. Van de kokosmeel, denk ik. Net een soort gebakje, dus. Dat lijkt misschien raar in combinatie met de spruiten, maar probeer het vooral zelf. Laat jezelf verrassen. De smaak was trouwens toch hartig door de spekjes en de oude kaas. De walnoten maakten het helemaal af.

Het recept is ook nog eens kids-proof. Oftwel, goedgekeurd door kinderen (de mijne, welteverstaan ūüėČ ). Alhoewel degene die niet echt van spruiten houdt zei: ‘Zeg mam, ik denk dat deze schotel ook heel lekker is met prei en ham’. Ha ha!

Spruitjes soufflé

  • 750 g spruitjes
  • olie of boter (om de ovenschaal in te vetten)
  • versgemalen peper en zeezout
  • nootmuskaat
  • 1 ui
  • 300 g spekjes
  • 100 g oude kaas
  • 75 g spekvet, roomboter of kokosvet
  • 50 g amandelmeel
  • 20 g kokosmeel
  • 100 ml slagroom
  • 4 grote eieren
  • 1 1/2 tl bakpoeder
  • walnoten

Bereiding

Maak de spruitjes schoon en kook ze in circa 5 minuten beetgaar. Vet de ovenschaal in met olie of boter. Giet de spruitjes goed af en doe ze in de ovenschaal. Breng ze op smaak met peper, zeezout en nootmuskaat. Let in het gerecht wel op met het zout, omdat er spekjes inzitten. Het moet ook niet té zout van smaak worden.

Maak de ui schoon en snijd deze in stukjes. Bak de spekjes uit en haal ze uit de pan. Doe de spekjes in de ovenschaal bij de spruitjes. Laat een beetje spekvet in de pan zitten en fruit er de ui in. Bewaar de rest van het spekvet!

Snijd de oude kaas in kleine blokjes en meng ze samen met de uien door de spruitjes en spekjes.

Maak nu de ‘roux’. Smelt 75 g vet in een pannetje. Dit kan het spekvet zijn, roomboter of kokosvet. Doe er het amandelmeel en kokosmeel bij en laat het even op laag vuur garen. Let hier dus op dat het niet aanbrandt. Roer er dan de slagroom door. Haal de pan van het vuur en doe de ‘roux’ in een kom.

Splits de eieren. Doe de eiwitten één voor één steeds in een apart bakje en doe het alleen bij de andere eiwitten in een schone kom als er geen spoortje eigeel bij is gekomen. Anders krijg je ze later niet stijf geklopt.

De eigelen mogen bij de ‘roux’ in de kom.

Roer de eigelen, samen met peper, zeezout en nootmuskaat door de ‘roux’.

Strooi het bakpoeder en een beetje zout over de eiwitten en klop dan de eiwitten met schone gardes helemaal stijf. Je moet de bak op z’n kop kunnen houden zonder dat de eiwitten eruit lopen.


Schep het stijve eiwit op het eigeel-mengsel en schep het voorzichtig door elkaar met een spatel. Schep het bovenop de groenten in de schaal en schep het daarna voorzichtig door elkaar. Niet als een gek zitten roeren, want dan verliest het eiwit z’n luchtigheid.

Strooi er walnoten over. Bak de schaal in 30 minuten in een voorverwarmde oven van 170-190 graden C, tot de bovenkant bruin is en het soufflé mengsel gaar.

En dan: smullen maar! Ik hoop dat dit straks ook √©√©n van jouw top-recepten wordt…

De printbare versie van het recept vind je hier: spruitjes soufflé.

Asperge quiche

Asperges zijn niet echt de seizoensgroenten van dit moment, maar ze zijn wel heel gezond. Ze bevatten veel vitamines en mineralen. Bovendien bevatten ze veel vezels die voedsel vormen voor onze goede darmbacteri√ęn. Pre-biotica dus. Ze worden niet voor niets het ‘witte goud’ genoemd. De oogst in Nederland loopt maar een paar maanden. Tijdens dit zomerse seizoen had ik asperges gekocht voor in de diepvries. Tijd om daar iets lekkers van te maken.

Asperges zijn van zichzelf al boterzacht van smaak. Die romige smaakbeleving kun je nog versterken door de bereiding. Ze combineren goed met botersaus of andere romige sauzen. In de zomer maakte ik heerlijke scampi’s met romige asperges op een bedje van courgetti. En een asperge-roomsoep is ook al zo heerlijk.

Deze keer maakte ik een quiche met asperges en pesto. Dat zacht-zoetige van de asperges combineert heerlijk met de pesto. Over de asperges gingen stukjes mozzarella en daarover plakken ham en kaas. Zonnebloempitten maakten het helemaal af.

Het resultaat was een heerlijk romige taart en een heerlijke korst. Bovenop dan toch, want deze quiche is zonder bodem. Bodemloos dus. Toch was’ie heel snel op. Geen bodemloze put dus.

Ik maakte 2 kleine quiches. Het recept hieronder is voor één daarvab. Die is denk ik voldoende voor 3-4 personen.

Asperge quiche

  • 1 rode of witte ui
  • 700 g geschilde asperges
  • 2 el (zelfgemaakte) pesto
  • 2 grote eieren
  • 1,75 dl slagroom
  • versgemalen peper en zeezout (bijv. Himalaya)
  • nootmuskaat
  • 1 bol buff elmozzarella
  • 100 g ham
  • plakken kaas, voldoende om de schaal te bedekken
  • zonnebloempitten

Bereiden

Maak de ui schoon en bak deze even aan.

Breng water aan de kook en blancheer de asperges hierin tot ze beetgaar zijn.

Leg de goed uitgelekte asperges in een lage taartvorm van ongeveer 19×24 cm. Of gebruik een ronde vorm van ongeveer 24 cm doorsnede.

Schep er de ui op en verdeel daar de pesto over.

Klop de eieren los met de slagroom, peper, zout en nootmuskaat.

Verdeel de eieren over de asperges. Scheur of snijd de mozzarella in stukjes en leg over de asperges.

 

 

Dek af met plakken ham en daarover heen plakken kaas. Strooi er zonnebloempitjes over.

Bak 25-30 minuten op 200 graden Celcius of tot de bovenkant mooi bruin is.

De printbare versie van het recept vind je hier: Asperge quiche

 

Goulashsoep

Afgelopen kerstvakantie heb ik in m’n ‘oude’ recepten zitten neuzen. Met de komst van nieuwe koolhydraatarme recepten zijn de oude namelijk een beetje in vergetelheid geraakt.

Maar er is geen reden om al m’n oude recepten overboord te gooien. Soms zijn ze onbewust al koolhydraatarm. Zo niet, dan is er vaak wel een mouw aan te passen. Zo deed ik het ook met de goulashsoep.

Als soepliefhebber vind ik goulashsoep een ware traktatie. Een recept ervan kwam tegen in m’n oude map. Sinds ik koolhydraatarm eet, had ik ‘m niet meer gemaakt. Dat was vooral omdat ik er niet meer aan gedacht had.

Ik paste het recept eenvoudig aan. Aardappel werd knolselderij. Ma√Įzena werd konjakpoeder. Kokosvet verving de margarine.¬† Extra bleekselderij voor meer groenten.¬† Extra kruiden voor meer smaak.

Vandaag heb ik de soep gemaakt. Hij deed niets onder voor het origineel. Integendeel! De soep is lekker kruidig en goed gevuld. Dat stoofvlees is ook zo lekker. Een heerlijke winterse soep dus… En morgen mag ik weer!

Het recept is voor een grote pan soep. Als je niet net als ik voor een gezin met purbers kookt, dan kun je beter de hoeveelheden verminderen. Zelfs wij kunnen hier dagen mee vooruit. Je kunt ook vari√ęren met de groenten. Gebruik bijvoorbeeld minder soorten. Of pak een zak kant en klare (roerbak)groenten. De soep die over is, kun je trouwens wel heel goed invriezen.

Goulashsoep

Nodig voor het stoofvlees:

  • kokosvet (om te bakken)
  • 1 tl komijnzaadjes
  • 750 g goulash- of ander stoofvlees, in stukjes
  • verse peper en (Keltisch) zeezout, naar smaak
  • 1/2 tl chilipoeder
  • 2 tl paprikapoeder
  • 1 laurierblad
  • 1-2 tl appelciderazijn of rode wijnazijn

Verder:

  • 200 g ontbijtspek, in stukjes
  • 1 ui
  • 3 teentjes knoflook
  • 1/2 knolselderij
  • 4 stengels bleekselderij
  • 4 paprika’s
  • 1 grote prei
  • 1 pakje gezeefde tomaten
  • verse peper en (Keltisch) zeezout, naar smaak
  • 2 tl (gerookt) paprikapoeder
  • gemalen komijn
  • 2-3 tl Konjakpoeder, om te binden (optioneel)

Verhit wat kokosvet en bak daarin de komijnzaadjes. Let op dat ze niet verbranden! Doe het goulashvlees in de pan samen met de peper, zout, chili- en paprikapoeder. Doe er ook het laurierblad bij.

Bak het vlees rondom bruin. Voeg warm water toe zodanig dat het vlees net onder staat. Doe er de azijn bij. Breng het aan de kook en laat het op een klein vuur pruttelen tot het gaar is.

Zelf braad ik ‘s ochtends het vlees aan en zet de pan dan overdag in een slaapzak. Daarin gaart het vlees langzaam verder. Tussendoor breng ik het dan nog eens aan de kook.

Maak ondertussen de knoflook en de groenten schoon. Snijd de groenten. Verhit kokosolie in een pan en bak het ontbijtspek uit. Voeg dan de ui en knoflook toe en blijf goed roeren. Het is niet erg als de bodem bruin wordt, maar zorg dat het niet aanbrandt door ook goed in de randen te roeren. Bak dan een aantal minuten de knolselderij mee, totdat deze ook begint te kleuren. Voeg dan de paprika toe en na enkele minuten de prei. Bak deze nog een paar minuten mee door.

Voeg dan de gezeefde tomaten toe. Doe het gare vlees bij de pan en vul dan aan met water. Voeg naar smaak peper en zout toe, (gerookt) paprikapoeder en komijn. Breng de soep aan de kook. Laat de soep nog even koken tot de groenten gaar zijn.

Je kunt de soep eventueel  binden met Konjakpoeder.

Smakelijk!

Een printbare versie van het recept vind je hier: Goulashsoep.

Volwassen poffertjes

Gisteren hadden we een feestje. Ik vind het leuk om dan wat warme, zelfgemaakte hapjes te serveren. Niet altijd koolhydraat-arm. Onze kinderen en het bezoek eten namelijk niet koolhydraat-arm. Zelf laat ik die hapjes dan gewoon staan. Wel maak ik soms een koolhdraatarm alternatief. Zeker sinds m’n man ook koolhydraat-arm eet.

Gisteren maakten we poffertjes. Speciaal voor de jeugd. Als experimentje bedacht ik ook een hartige variant. Wél koolhydraat-arm. En zó lekker!! Heel wat anders dan een doorsnee poffertje. Zo worden pofferjes ineens een volwassen hapje.

Poffertjes voor volwassenen dus. Maar vergeet zeker ook de kinderen niet!

Hartige poffertjes

Voor het beslag

  • 3 eieren
  • 2 dl slagroom, of 1 dl slagroom en 1 dl volle melk
  • 2 el milde olijfolie
  • 50 g roomkaas
  • 2 el kokosmeel
  • 2 el amandelmeel
  • goed zeezout, naar smaak (bijv. Himalayazout)
  • 1¬† 1/2 tl bakpoeder
  • 2 tl psylliumvezels (minder als je psylliumvezelpoeder gebruikt)

Voor de hartige vulling

  • verse of gedroogde kruiden, zoals peterselie, bieslook, etc.¬† (dit ziet er vooral ook heel leuk uit)
  • 1/2 tl uipoeder
  • 1/2 tl knoflookpoeder
  • 50 g geraspte kaas
  • paar plakjes bacon

Klop de eieren, de slagroom, de olijfolie en de roomkaas. Meng de droge ingredi√ęnten eerst goed door elkaar in een kommetje en mix ze er dan door.

Voor de hartige vulling bak je eerst de plakjes bacon uit. Laat ze wat afkoelen en verkruimel ze. Voeg dan alle ingredi√ęnten van de vulling toe aan het beslag en roer ze er goed door. Varieer gerust naar eigen smaak.

Laat het beslag een tijdje rusten. Het zal dan dikker worden vanwege de psylliumvezels.

Verwarm je poffertjesplaat tot deze goed heet is. Smeer de holtes in met een beetje milde olijfolie. Vul elke holte met een klein beetje beslag. Bij mij had het beslag een paar uur gestaan en was toen zo dik dat ik het eenvoudig met een lepel in de holtes kon scheppen. Roer het wel af en toe goed om zodat de vulling goed verdeeld blijft.

Laat de onderkant bruin worden. Als ook de bovenkant een beetje droger begint te worden, keer ze dan om en bak de andere kant bruin. Of draai het apparaat om, als je net als ik een wafelijzer met poffertjesplaten gebruikt.

Haal de poffertjes voorzichtig uit het apparaat. Ik gebruikte daarvoor een tapas prikker. Die kun je ook gebruiken om de poffertjes om te draaien. Laat ze een klein beetje afkoelen voor je ze serveert, want ze zijn erg heet!

Bak dan de volgende serie poffertjes. Eventueel kun je de holtes weer even insmeren met olijfolie als je merkt dat ze niet meer zo goed loskomen.

Je kunt ze eventueel serveren met wat roomboter. Ik vond ze zo lekker dat ik daar niet eens aan gedacht heb. Ze hebben door de hartige vulling veel meer smaak dan een doorsnee poffertje en ze hebben een hele ‘malse’ structuur.

Mijn beslag was niet helemaal op gegaan. Van de rest bak ik vandaag nog een pannenkoekje. Maar ik denk dat het beslag goed is voor in totaal zo’n 40 tot 50 poffertjes.

Hier nog de printbare versie van het recept: Hartige poffertjes